skip to content
Dutch

B2Upper intermediate

Daarover, waarmee

Pronominal adverbs and verbs with fixed prepositions

Many Dutch verbs have a fixed preposition:

wachten op to wait for
denken aan to think of/about
houden van to love
zorgen voor to take care of
praten over to talk about
geïnteresseerd zijn in to be interested in
bang zijn voor to be afraid of
trots zijn op to be proud of
boos zijn op to be angry with
zin hebben in to feel like

For things, the preposition + pronoun becomes one word: er-, daar-, waar- + preposition:

  • Ik wacht erop. — I'm waiting for it.
  • Daar heb ik geen zin in. — I don't feel like that.
  • Waar denk je aan? — What are you thinking about?

For people, keep preposition + pronoun: Ik wacht op hem.

stan runge c757d08 source